Kan het echt niet wat minder?
Het eerste woord dat ik hoor als ik binnenloop bij deze workshop is het woord “afbouwschema”. En het tweede “multidisciplinair team”. Het is duidelijk waar het over gaat bij deze workshop: over onderzoek naar het verminderen van het gebruik van psychofarmaca in de zorg.
Antipsychotica en probleemgedrag
Psychofarmaca worden vaak voorgeschreven bij mensen met een verstandelijke beperking. Veel van deze middelen zijn bedoeld voor de behandeling van psychische stoornissen, maar ze worden vaak voorgeschreven bij probleemgedrag. Dit geldt vooral voor antipsychotica. Maar er is weinig hard wetenschappelijk bewijs voor het effect van antipsychotica op probleemgedrag. Bovendien kent het gebruik ervan risico’s. Zowel nationaal als internationaal wordt dan ook aanbevolen om antipsychotica voor probleemgedrag af te bouwen.
Zorg voor duidelijke voorlichting en steun vanuit de omgeving; werk aan een juiste mindset rond de verwachtingen van de cliënt; en geef de ervaringen van cliënten met het afbouwen een prominentere plek in het onderzoek.
Ervaringsdeskundigen aan het woord
Geheel afbouwen lukt maar bij een klein aantal gevallen, is een van de conclusies die worden genoemd door onderzoeker Joke de Haan, verpleegkundig specialist van GGZ Drenthe. Ze heeft vooral onderzocht wat de ervaringen van cliënten zelf zijn bij het afbouwen van medicatie. Ze presenteert conclusies en aanbevelingen. Dat zijn vooral: zorg voor duidelijke voorlichting en steun vanuit de omgeving; werk aan een juiste mindset rond de verwachtingen van de cliënt; en geef de ervaringen van cliënten met het afbouwen een prominentere plek in het onderzoek. “Zo kan de kwaliteit van zorg verbeteren en kunnen interventies beter worden afgestemd”, zegt De Haan. “Dit was echt heel mooi onderzoek om te doen.”
Effectieve afbouwtrajecten
Ook een aantal andere onderzoeken naar het afbouwen van psychofarmaca komen bij deze workshop aan de orde. De gemeenschappelijke ervaring is telkens ongeveer hetzelfde: de ervaringen van cliënten zelf zijn erg belangrijk, en die ervaringen kunnen beter dan tot nu toe gebruikt worden om te komen tot effectievere afbouwtrajecten.
Mag ik in de tussentijd weer gaan zitten?
Vriendelijke discussie
Aan het eind van de workshop breekt er nog een grappig moment aan, als onderzoeker Mireille Knuls de deelnemers vraagt om te gaan staan als ze het eens zijn met een prikkelende stelling. Die stelling (‘Deelnemers aan de studie hadden zeker dezelfde kenmerken als de niet deelnemers’) bevat wat onduidelijk gedefinieerde begrippen (“welke kenmerken?”) waar vrijwel onmiddellijk een vriendelijke discussie over uitbreekt. Een van de aanwezigen die is opgestaan roept: “Mag ik in de tussentijd weer gaan zitten?” Ja, dat mag: gaan zitten is makkelijker dan het afbouwen van psychofarmaca!